Contact | FAQ | Sitemap | Disclaimer

Shell Bachelor Master Prijs

MVO scripties

Jan Jonker

Jan Jonker is docent aan de Radboud Universiteit Nijmegen (Nijmegen School of Management). Zijn aandacht gaat de laatste tien jaar uit naar maatschappelijke verantwoord ondernemen (MVO) en alle strategisch vragen die daar mee samenhangen. In die hoedanigheid heeft hij inmiddels zon 200 scripties helpen begeleiden. Sinds 1990 is hij ook werkzaam als management consultant. Het motto ‘Practice what you Preace’ is daarbij leidend. Hij schreef onder andere Diagnose van Organisatieproblemen (1994), Toolbook for Organizational Change (1995), CSR across Europe (2004) en Management Models for CSR (2006). Daarnaast publiceerde hij ruim honderd artikelen in binnen- en buitenland. De komende tien jaar staan wat hem betreft geheel in het teken van duurzaam en verantwoord ondernemen en hoe je in het licht daarvan (fundamentele) veranderingen in, door en met mensen in organisaties realiseert. Kijk ook eens ter inspiratie op www.mvoscripties.nl of www.csrcenter.net.

Een scriptie schrijven … ga er maar aanstaan

Door Jan Jonker

Universitair hoofddocent Verantwoord Ondernemen, Nijmegen School of Management, radboud Universiteit Nijmegen

M’n eerste scriptie? Dat moet al zo’n jaar of vijftien misschien wel twintig terug zijn. Heel eerlijk: de eerste keer geen idee hoe dat moest. Naam van de toenmalige kandidaat ben ik ook heel eerlijk vergeten. En hoe je dat dan doet? Tja: gewoon beginnen. Wat is het onderwerp, welk probleem zou je centraal willen stellen, wie heeft daar al wat eerder over geschreven en wat zou jij daar aan willen toevoegen, verbeteren of veranderen. Klinkt simpel, maar dan heb je de poppen pas echt aan het dansen.

Inmiddels ben ik op basis van zo’n tien BT’s en MT’s per jaar rond de tweehonderd scripties verder, papers, onderzoeksopzetten en eindpresentaties niet meegerekend. Eigenlijk is dat best wel veel. En dan reken ik voor het gemak wat ik begeleid op Business School’s in binnen- en buitenland maar niet mee. Een ding wat je gaandeweg leert is dat ondanks alle verschillen tussen onderwerpen, studenten en eisen er toch elke keer weer een bepaalde lijn in de worstel processen rond het schrijven van een scriptie zit. Een lijn die jij als begeleider vaak net iets eerder ziet maar die voor de student(e) vaak een ‘unieke’ ontdekking is omdat het voor hem of haar maar al te vaak de allereerste keer is. En tja, je mag de scriptie niet zelf schrijven ook al zou dat heel leuk zijn om te doen. Om dat proces wat te ondersteunen bij deze een ervaringslijstje. Niet over het onderzoek - daar zijn al een heleboel boeken over. Geen wetenschap dus, maar gewoon ‘gut-feel’ die mogelijk handig is.

  1. Begin zo vroeg mogelijk – liefst maanden van te voren – na te denken over en te praten over het onderwerp van je scriptie (maakt niet uit of het een MT of BT is). Dat scherpte je gedachten en maakt inzichtelijk dat je feitelijke re niets over weet vaak.
  2. Lees – naast de broodnodige maar spaarzame artikelen - eens een krant met aandacht voor jouw mogelijke onderwerp – en ja, Spits of Metro kunnen je naast een NRC of Volkskrant heel veel leuke informatie geven.
  3. Ga NIET de bibliotheek in zonder dat je helder hebt wat je wilt zoeken. Datzelfde maar nog sterker geldt voort zoeken op Internet. Je verzuipt compleet als je niet weet waar je naar op zoek bent!
  4. Kies uiteindelijk een onderwerp waar naast de mogelijkheid van fundamentaal of toegepast onderzoek ook je hart ligt. Een scriptie schrijven is naast inspanning ook passie – iets laten zien wat er toe doet aan de wereld.
  5. Beredeneer keer op keer je scriptie. Die redeneerlijn is de ruggengraat van je werkstuk. Kom je er niet uit: val je begeleider lastig, maak een tussentijdse presentatie of een samenvatting van 1 A4 net zolang tot je het onderwerp ECHT scherp heb. Anders ben je bezig de oceaan over te zwemmen zonder reddingsvest.
  6. Houd het simpel (niet simplistisch!), compact en gefocust. Een scriptie is voor alles geen omgevallen boekenkast maar een betoog dat JIJ opbouwt en uitwerkt. Voorkom ‘kretologie mixen’; alleen je oud-tante is daar van onder de indruk.
  7. Plan je werkzaamheden. Vier tot zes maanden zijn zomaar voorbij. Mensen (respondenten en je begeleider) hebben nog iets anders te doen dan jou te woord te staan en zitten al helemaal niet op je te wachten. (Zie ook plan van aanpak)
  8. Werk zo snel als mogelijk met een heldere inhoudsopgave waarbij je per hoofdstuk een samenvatting geeft zodat iedereen kan volgen hoe je redeneert en wat er staat te gebeuren in het vervolg.
  9. Bewaar al je aantekeningen op een systematische (datum & trefwoorden!) manier. Dat geldt ook voor citaten uit documenten. Dat later allemaal weer moeten nazoeken is een heidens karwij en kan je beter vanaf het begin in een keer goed doen (liefst in APA-stijl).
  10. Beperk je tot pakweg zestig bladzijden – exclusief literatuurlijst en bijlagen. Dat is al lastig genoeg om te vullen met echte inhoud. Verdeeld over pakweg 5 tot 7 hoofdstukken heb je alle ruimte nodig.

Wie weet helpt bovenstaande lijstje je wat beter op weg. Het gezegde over inspiratie en transpiratie geldt voor alles voor een scriptie. Denk er niet te licht over! Begin tijdig. En als je er dan elke dag echt 4 tot 6 uur aan besteed is het goed te doen. Succes.